Maculinea alcon arenaria

HOME

 
Rijk Animalia (Dieren)
Stam Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse Insecta (Insecten)
Orde Lepidoptera (Vlinders)
Familie Lycaenidae (Blauwtjes)
Nederlandse Naam Duingentiaanblauwtje
Engelse Naam Dune Alcon Blue
Auteur Lemke, 1942
 
Leefwijze Het duingentiaanblauwtje was een dagvlinder.
 
Leefgebied & Verspreiding Het duingentiaanblauwtje kwam alleen in Nederland voor. Er waren twee populaties van het duingentiaanblauwtje bekend: in Meijendel, duinen ten noorden van Den Haag, en in de Meije, in de buurt van de Nieuwkoopse Plassen. 

Deze standvlinder leefde in vrij voedselarme duingraslanden met waardplanten. Het duingentiaanblauwtje had in de duinen in Meijendel de kruisbladgentiaan (Gentiana cruciata) als waardplant, evenals het berggentiaanblauwtje (Maculinea rebeli), dat niet van Nederland bekend is. Het duingentiaanblauwtje in de Meije, fungeerde de klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe) als waardplant, dezelfde waardplant als het heidegentiaanblauwtje (ondersoort ericae) benut op vochtige heide.

 
Voedsel Gentiaanblauwtjes (Maculinea alcon) voeden zich vooral met nectar van gewone dopheide (Erica tetralix) en klokjesgentiaan (Gentiana pneumonanthe). Het duingentiaanblauwtje voedde zich dus ook met nectar van de kruisbladgentiaan (Gentiana cruciata). De rups eet zich vanuit het ei direct de bloem in om zich te voeden met het vruchtbeginsel.
 
Voortplanting Het duingentiaanblauwtje onderhield een nauwe relatie met mieren. De rups verpopt in een mierennest. Van de vijf eitjes die in de loop van het seizoen gemiddeld per knop worden afgezet, groeien gemiddeld drie rupsen op tot het vierde stadium. Deze rupsen laten zich op de grond vallen en wachten daar tot ze worden gevonden door een waardmier. Wat de waardmier was van het duingentiaanblauwtje is niet bekend. De meeste rupsen doen dit vroeg in de avond, juist wanneer de waardmieren actief zijn. De rups scheidt een stof af die de mier oplikt en wordt vrijwel onmiddellijk meegenomen naar het nest. Daar wordt de rups behandeld als een eigen larve. Wanneer er eenmaal een rups in het mierennest is geaccepteerd, gaat de acceptatie van volgende rupsen sneller. In het mierennest voedt de rups zich met mierenlarven, later ook met poppen. Ook laat hij zich voeren met wat de mieren meebrengen. 

De rupsen overwinteren en verpoppen zich in het mierennest. In juni of juli komt het gentiaanblauwtje vroeg in de ochtend uit de pop. Wanneer de mieren al actief zijn, vallen deze de vlinder zeer agressief aan. Snel verlaat de verse vlinder het mierennest en klimt buiten meteen omhoog langs een takje of grasspriet, uit het zicht van de boze mieren. Dan pas worden de vleugels opgepompt.

 
Geschiedenis & Populatie Er is weinig over deze ondersoort bekend, maar het duingentiaanblauwtje was vroeger  al een uiterst zeldzame standvlinder. Deze vlinder verdween in de Meije in 1975 en in de duinen van Meijendel verdween deze vlinder in 1979. Het uitsterven van deze laatste populatie in Nederland, betekend dat deze ondersoort van het gentiaanblauwtje nu dus wereldwijd uitgestorven is.
 
Oorzaak Uitsterven Door verruiging van de vegetatie en verdroging van de terreinen verloren de kruisbladgentianen hun functie als waardplant. Het duingentiaanblauwtje is bij het afzetten van de eitjes erg gevoelig voor de vegetatiestructuur. 
 
Beschermingspogingen Voor een enkele soort op de lijst is het al te laat. Het duingentiaanblauwtje, een vlindertje dat alleen in Nederland voorkwam, heeft op de rode lijst van dagvlinders de aanduiding 'UW' meegekregen: Uitgestorven op Wereldschaal. Om die reden, concluderen de opstellers van de rode lijst voor dagvlinders droog, "Zijn beschermingsmaatregelen niet meer mogelijk". 
 
Museum Exemplaren Er bevinden zich duingentiaanblauwtjes in de collectie van de Universiteit van Amsterdam en een kleiner aantal in het Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis in Leiden. Foto's van levende duingentiaanblauwtjes zijn er voor zover ik weet niet.
 
Verwanten In Nederland komt nog een ondersoort van het gentiaanblauwtje voor, namelijk het heidegentiaanblauwtje, Maculinea alcon ericae. Naast deze ondersoort zijn natuurlijk ook de andere ondersoorten de nauwe verwanten van het duingentiaanblauwtje.
 
Links

De Vlinderstichting

Natuurinformatie - Duingentiaanblauwtje

IUCN Red List of Threatened Species: Maculinea alcon

Laatst bijgewerkt op: 2 januari 2005.

Deze pagina is een deel van The Extinction Website. 2001-2007.